top of page

Diane Lafort

Bijgewerkt op: 20 mei 2024

Ik bel aan, met gespleten ogen kijkt ze door het kleine tralieraam van de deur van haar witte villa, bouwjaar 1959, het interieur sindsdien onaangeroerd. Feeëriek fluitgezang van de vogels in haar tuin, je treedt een park binnen met naaldbomen en witte standbeelden, de framboosrode rododendrons staan in bloei, ze kan net niet zien dat ik het ben.

Haar hoorapparaat staat uit, ik roep twee maal heel luid mijn naam. Er verschijnt een glimlach, ik vraag of ik een mondmasker aan moet. “Kom gerust binnen, ik ging net eten, voeten vegen graag.” Onmiddellijk stel ik voor of ik om frieten zal gaan.

Voor het gesukkel met haar ogen openden we soms het jachtseizoen in een fancy restaurant of gingen we naar een bescheidener etablissement in het Zottegemse waar oud en jong samen kwamen om mosselen te eten of paling in ‘t groen, ik kreeg het benauwd van de porseleinen vazen die wiebelden in combinatie met dat klein hondje dat aan onze benen kwam snuffelen. Sowieso waren er klanten die stiekem een reepje côte à l’os naar het diertje gooiden en genoten van dat kwispelende staartje waarna hij zijn zoektocht verder zette aan een volgend tafeltje. Iedereen sprak haar aan met Madame De Cooman, haar grote briljanten glinsterden in de vele spiegels, ze kreeg steeds het mooiste plaatsje in het restaurant. Op het einde van ons etentje moffelde ze stiekem wat broodjes weg in haar handtas en vroeg ze een doggybag voor de paling, die mosselen zijn morgen sowieso niet meer goed. Dat had ze geleerd van haar geliefde. Toen bompa overleed was ze na 10 jaar uitgetreurd en leerde ze Ched kennen in Spanje, een Amerikaan uit Cincinnati, officieel een gewone reisvriend maar al snel haar levensgezel. Ik kon het nooit goed vinden met Ched, al maakte hij ook 30 jaar deel uit van onze familie. Bomma bracht toen we klein waren wel de coolste T-shirts van The Spice Girls mee die niemand had en voor mijn broers basketshirts van The Charlotte Hornets en The Lakers. Ik ben nog nooit in Amerika geweest, mijn bomma woonde er zeker vijf maanden per jaar. De andere maanden kwam Ched naar België of reisden ze de wereld rond. Ze zei zelf heel spaarzaam te zijn, haar kasten stonden vol rollen wc-papier die ze uit de vele hotels had meegenomen, maar tegelijkertijd deed ze cruises naar Alaska met The Queen Elisabeth of nam ze de Concorde tussendoor, wat toen het snelste vliegtuig ter wereld werd genoemd. Ze had op maat gemaakte kleren, veel museumstukken die Jan Hoet was komen schatten, een uiterst sympathieke man al zei ze zelf. Ze was erg bezorgd wat er met haar vele ivoren beeldjes en verzameling exotische messen zou gebeuren wanneer ze zou sterven. Want wij zullen dat sowieso niet in ons huis willen.

“Waar zou je dan frieten halen?”, vraagt ze. Ik begrijp niet dat ze de frituren van haar dorp niet kent. “Dat is iets voor luie vrouwen.” Ik voeg er lachend aan toe dat ze zelf een huishoudster had die dagelijks kookte en de luiers ververste. “En iemand die de kinderen van school ging halen en een poetsvrouw van wie ik wekelijks conserven uit haar handtas moest halen. Maar ze mocht blijven, ze kon goed ramen lappen en zo had ik ook mijn bezigheid. Kleptomanie heet dat, wist je dat?”

Ze gaat wekelijks naar ‘de coiffeur’ en kan moeilijk geloven dat ik mijn haar zelf was. Ze had dat nog nooit in haar leven gedaan. Ik was enigszins beledigd toen ze verwonderd was toen ik kwam vertellen dat ik een lief had. “Jij hebt toch niemand nodig. Jij reist zo graag zoals je bomma. En jullie zijn zelfstandig, hebben een eigen huis en je moet geen kinderen kweken. Geniet ervan!”

Ik vind het nog altijd jammer dat Ched nooit frieten at uit een frituur. Als je hem dan toch iets Belgisch wou leren kennen dan toch wel een frietkot onder de kerktoren. Hij vond de Belgen greedy omdat je geen gratis saus krijgt bij McDonalds en de cola’s hier zo klein zijn. Zijn adoratie voor Bush en racistische opmerkingen maakten van ons geen goede vrienden. De vele discussies had ik achteraf gezien beter zo gelaten. Koeweit en Irak, 9/11 … Op de duur babbelde niemand meer met Ched op familiefeesten, hij zette zijn hoorapparaat uit, nam een cola met veel ijsblokken en citroen en leunde achterover in de relaxzetel van ‘het schoonste plaatsje’ waarbij Sturm der Liebe op de achtergrond speelde en we hem verdachten van een ex-collaborateur te zijn die Duits sprak en ons eigenlijk wel een beetje kon begrijpen. Na 30 jaar België begreep hij geen woord Nederlands. In een discussie ben ik eens ontploft toen hij beledigende woorden riep naar Serena Williams op het scherm en mijn gescheurde jeans ongepast vond om naast hem te zitten aan tafel. “It’s for the lower class people.” Ik was heel scherp en had plots een vocabulaire waar ik het bestaan niet van wist, maar was ook gekwetst dat mijn bomma het niet voor mij opnam. Het is de generatie die naar mannen luistert, al hoor ik toch zo vaak dat wij zo sterke vrouwen zijn! Een gemiste kans voor Diane Lafort, zei ik.

“Hoe zit dat dan juist? Moet je daar dan iets bijnemen?” Ik geef haar enkele keuzes maar het enige dat bekend klinkt is een garnaalkroket. Ik beslis om verschillende soorten snacks mee te brengen. Het was echt vertederend om bomma daar te zien zitten, met mes en vork en haar plastieken bakje frieten op haar porseleinen servies. Haar neus ophalen bij die kroket maar enorme fan van de curryworst special. “Dat ga ik de volgende keer ook nemen!” Ik had nooit gedacht dat dit ons laatste avondmaal samen zou zijn.

Tijdens de eerste lockdown vertoefde ze in Amerika. Ze was toen 90 en moest noodgedwongen het vliegtuig nemen naar België, Ched bleef in de VS. Ze was er niet erg mee opgezet en begreep niet waarom ze naar huis moest weerkeren. Elke dag om 22:00 belden ze meer dan een uur naar haar geliefde tot ze samen bijna in slaap vielen. Ik heb haar eens proberen uitleggen dat ze ook kon videochatten met mijn gsm, maar dat zag ze niet zitten want ze kan niet alle dagen naar de coiffeur. Het was ongelooflijk mooi om te zien dat ze elkaar zo goed begrepen. Ched begreep bomma’s gebrekkig Engels met Franse tongval beter dan het onze. Op een dag kreeg ze plots geen telefoontje. Ched was opgenomen met Corona en had het niet gehaald. Het was allemaal heel snel gegaan. Toen heb ik voor haar gebeld met Ched’s dochter, want vreemd genoeg begreep mijn bomma niet voldoende Engels om met haar te communiceren. Vanaf toen heeft ze een knauw gekregen.

Ik zie ons daar nog zitten. Het was net gedaan met mijn lief en we zaten samen te huilen aan de tafel aan het raam. “Twee keer een man verliezen na 30 jaar, het is toch niets dat in het plan van je leven staat.” Onmiddellijk daarna liep ze naar de kast om een foto van ons twee weg te halen “zo hoef je er ook niet meer naar te kijken, er komt wel iemand nieuw op jouw pad. En 30 jaar is ook niet altijd rozengeur en maneschijn. Wil je een glas wijn?”

Hoe moeilijk ze het zonlicht ook kon verdragen, volgens haar door de vele malariapillen, verhalen vertellen kon ze als de beste. Over de oorlog. Dat haar vader als dierenarts onderdook op een boerderij en de Duitse officier Richard plots in hun gezin kwam inwonen en hun duurste wijn kwam opdrinken. Dat ze niet begrijpt waarom mensen schrik hebben van vluchtelingen uit Syrië of Oekraïne. “De mensen liepen hier vroeger ook in lange rijen op straat met valiezen terwijl de Duitsers de straten bombardeerden zodat we geen kant meer op konden. Het was een verschrikkelijke tijd, die oorlog. Anders had ik misschien mijn studies kunnen afmaken”, een frustratie die tot op het einde bleef nazinderen.

Het was vandaag een beetje oorlog in mijn hart, omdat ik zonodig op reis moest vertrekken en haar begrafenis gemist heb. Ik had viool kunnen spelen, maar ze hield niet van klassieke muziek. En voor een reis moest ik het niet laten, bomma was zo graag onderweg. Ver weg van de oorlog en het verdriet van bompa en de hardnekkige borstkanker die ze had overwonnen begin jaren tachtig. We hadden afscheid genomen via telefoon in het ziekenhuis, toen ze naar lucht hapte door die verdomde Corona en zei dat ze het niet lang meer ging rekken. Ik zei dat we toch nog eens frieten gingen eten. Dat was het. Een curryworst special en koude frieten die ze de dag nadien sowieso had opgewarmd in haar microgolf. Het is stil in haar park, de vogels treuren met gesloten ogen, madame De Cooman is niet meer. Diane Lafort, haar naam 92 jaar helemaal waardig.




 
 
 

Opmerkingen


  • Instagram

© 2024 alle rechten voorbehouden aan charlotte Schrijft

illustraties door aude de keyser

bottom of page